Zelfzorg

Kunstzinnig Creatief Werken met studenten verpleegkunde Minor Oncologie

In beeld

In de zorg

Wil je binnen je team of onderwijs ook met het thema Zelfzorg aan de slag, ik overleg graag met je de mogelijkheden!

Neem hier Contact op

Als onderdeel van de minor Oncologie van de Hogeschool Rotterdam geef ik sinds 2014 samen met kunstzinnig therapeute Yvonne Peschier  een aantal creatieve workshops aan veertig verpleegkunde studenten. De workshops worden gegeven binnen de module Zelfzorg.  Een module waar wordt stil gestaan bij wat je als oncologieverpleegkundige nodig hebt om je vak te kunnen blijven uitoefenen.

Thema’s als vitaliteit, weerbaarheid, compassie, herkennen van burn-out komen hier aan de orde. Maar ook, hoe herken je dit bij de cliënt waar mee je werkt? Wat zijn de parallellen met wat een patiënt doormaakt? Hoe kan je hem of haar ondersteunen in haar zelfzorg? Hoe kan je bijdragen aan kwaliteit van leven ook als het moeilijk gaat met de patiënt (psycho-sociale zorg)?  De student maakt kennis met Complementaire Zorg en vaktherapieën als kunstzinnigetherapie en hoe deze kunnen bijdragen aan zorg en welzijn van oncologiepatiënten.

Een impressie

De eerste les is vaak onwennig voor de student. We starten met een oefening met klei.  Reacties zijn dan:

‘Wat gaan we nu doen?!’ (Bedenk je eens wat er met een patiënt gebeurd die een nieuwe wereld van ziekte en zorg in gaat…)

Ik ben ‘nieuwsgierig’, ‘ietwat sceptisch’ en ‘ik laat het maar over me heenkomen’, ‘Wat is nu een kunstzinnig therapeut? ‘Moet ik dan creatief zijn? Dat ben ik niet…’

Al snel word dan duidelijk dat het daar niet om gaat. Klei is het medium om te reflecteren op jezelf. En dat het gaat om kennismaken met wat het werken met creatieve werkvormen kan doen bij ‘zorgen voor jezelf’,  hoe kan bijdragen aan jouw welzijn en die van patiënten.

De student word meegenomen in een verhaal over een jonge vrouw die opgenomen is in de isolatiekamer voor een chemotherapiebehandeling. Ze heeft slecht nieuws gekregen. Hoe ga jij de isolatiekamer binnen? Wat is jouw houding? Dit wordt uitgebeeld in de klei.

Van individuele beelden kijken we naar ‘families’: overeenkomsten en verschillen in houding en wat dat betekent voor jou en de zorg die je verleent. Wat kan je ervan leren? Hoe doen anderen het?

Andere vragen zijn: Hoe was het werken met klei voor jou? Welke weerstand voelde je (of) niet en hoe ga je daar mee om? Wat betekent dat voor je werken met patiënten wanneer je het lastig vindt om je handen in de klei te zetten? Wat betekent dat voor hoe je omgaat met collega’s en patiënten of je zelfvertrouwen wanneer je nu lacherig doet over andermans of je eigen werk. Wat doet dat met jou als anderen dat zijn over jouw werk?

Steeds weer verwonder ik mij over hoe kwetsbaar de studenten zich durveen op te stellen en welke inzichten er komen door deze oefening met klei!

In een volgende les werken we met pastelkrijt! Dan gaan ze verder in op wat je als verpleegkundige zelf nodig hebt van anderen..